Als mij gevraagd wordt op wat voor een type man ik val, roep ik meestal iets in de trant van ‘hij moet gewoon íets hebben; een mooie lach, een sprankeling in zijn ogen’ van die dingen. Voor mezelf heb ik ook niet echt duidelijk een type man voor ogen.


Van ‘The Universe’ krijg ik regelmatig bericht en vaak is dit gericht op het ‘Thoughts become things’ principe. Waarin wordt uitgelegd dat als je iets écht wil, je het precies zo moet voorstellen als je het zou willen. Mooi! Nu ik er nog eens goed over nadenk, maak ik eruit op dat als ik dé man naar mij toe wil denken, ik hem eerst duidelijk voor ogen moeten hebben.

Om een goed beeld te krijgen van De Man, sluit ik hierbij eerst de types uit waar ik niet op val (misstappen uit het verleden daargelaten).

Ik val niet op een man die;
- al een vrouw danwel vriendin heeft;
- gouden kettingen draagt met of zonder panters;
- langer voor de spiegel staat dan ik;
- een voor mij onverstaanbaar Limburgs accent heeft;
- qua leeftijd m’n vader zou kunnen zijn;

Pluspunten krijgt  een man die:
- een sexy accent heeft, Iers bijvoorbeeld;
- tukker is en woorden als mooi met meer o’s uitspreekt dan erin zitten en zo heerlijk nuchter kan zijn,  terwijl hij tóch een biertje lust;
- zelf een passie heeft (vissen uitgesloten!);
- singer/songwriter is in het bezit van een gitaar en liefdesliedjes over mij schrijft;
- donker haar en blauwe ogen heeft;

Nu ik bovenstaande lijstje teruglees, valt opeens het kwartje, ik weet wie het is, dé man. Het is Gerard Butler! En laat ik nou net op nu.n/achterklap gelezen hebben dat hij z’n vriendin aan de kant heeft gezet. Ik hoef hem alleen nog even naar mij toe te denken!

Gerard luv, don’t look any further. I am right here!


















Reacties (2)

Zo aan het begin van het nieuwe jaar is de halve wereld fanatiek bezig zich aan de goede voornemens  te houden. Ik heb mijn goede voornemens natuurlijk niet hardop uitgesproken, nee zeg dat zou betekenen dat ik me er echt aan moet gaan houden. En om te weten of dat me allemaal gaat lukken moet ik nog even een glazen bol lenen.

Eigenlijk heb ik het hele jaar door last van goede voornemens, alleen weet ik meestal even niet meer waar die knop zit. Ik weet altijd wel heel goed hoe het allemaal moet en kan een ander ook heel goed vertellen hoe simpel het allemaal is. Gewoon even die knop omzetten en gáán. Zo simpel.

Nou heb ik me tijdens de afgelopen weken lekker lamlendig overgegeven aan de griep, tijdens mijn vakantie. Daar knap je lekker van op hoor zo’n vakantie in bed, kan ik je zeggen. En terwijl ik op 1 januari weer voorzichtig uit die bedstee klom, de gordijnen openschoof en de ramen opende, voelde ik het gebeuren. De knop ging om.

In de dagen erna kocht ik de groente- en fruitafdeling van de plaatselijke super leeg, smeet die hele groentela vol, ruimde m’n administratie op, deed een rituele verbranding van herinneringen waar ik vanaf wilde en ik was er weer. Hoppa! Even die goede voornemens omzetten in daden. En volhouden natuurlijk. Zo simpel toch, Mevrouw H?





Reacties (3)

Jaloers zijn zit niet zo in m'n aard, ik zie er het nut er niet zo van in. Begrijp niet waarom je iemand iets zou misgunnen of bang moet zijn dat je vriend er met een ander vandoor gaat. Ik gun iedereen het beste en als m'n (denkbeeldige) vriend ergens anders beter denkt te kunnen krijgen, zal ik persoonlijk z'n koffertje pakken en hem uitzwaaien bij de voordeur.

Alleen betrap ik mezelf er de laatste tijd steeds vaker op dat toch ook last heb van een soort jaloezie. En echt niet het soort waardoor ik een ander iets  misgun, maar wel het soort waardoor ik een steek van 'wil ik ook' door me heen voel gaan. Nee, ik ben niet jaloers op de vriendinnen die in een groter huis wonen, een leuke vent hebben, slanker zijn, of een betere job hebben.

Die 'wil ik ook' gevoelens komen bij mij naar boven bij het horen van het blijde nieuws dat er een zwangere vrouw in m’n omgeving is, het zien van een stel dat op het punt staat een gezinnetje te worden of als er weer een geboortekaartje in de bus valt. Er zijn van die dagen, dat ik al dat blije baby nieuws even niet zo goed trek. Maar het stomme is, ik gún het die mensen wel ontzettend. Ik wil soms alleen even niet geconfronteerd worden met dat al dat baby- en kindergeluk van een ander.

W
ant ik zou zelf ook zo graag mama worden. Willen voelen wat het is, die liefde die je alleen maar voor je eigen kind schijnt te voelen.

En natuurlijk, de papa's en mama's die ik gesproken heb over mijn kinderwens, roepen direct dat het niet altijd een feestje is. Slapeloze nachten, je zult je voor de rest van je leven verantwoordelijk voelen, je altijd zorgen maken en zo gaan ze nog even door. Ik besef heus dat het niet allemaal rozengeur en maneschijn is, het opvoeden van een kind. Maar dat neemt niet weg dat het er wel is, dat enorme verlangen.

Natuurlijk weet ik heel goed dat er opties zijn, voor het krijgen van een kind in je uppie. Ik weet het allemaal wel. En ik denk erover na. Maar is dit wat ik wil, een kind een papa ontnemen, is dat niet een egoïstische beslissing? En buiten dat, kán ik dat allemaal wel, in m'n uppie? Ik voel wel dat ik genoeg liefde in me heb om een kindje te laten voelen dat het zeer gewenst is, dat wel. Maar ik vind het nogal wat. Alles in je eentje doen betekent ook in je eentje verantwoordelijk zijn. Buiten alle praktische zaken die daar natuurlijk ook bij komen kijken.

Albert Einstein riep altijd al 'tijd bestaat niet'. Ik wou dat het waar was, want ik begin zo langzamerhand toch meer en meer te vrezen dat ik door mijn (biologische) tijd heen begin te raken.



Reacties (2)
Nadat ik hem had opgehaald van zijn werk, fietsten we samen naar  het water. Daar stond het bootje dat ik geleend had al klaar en ik had zelfs al een mand vol met lekkere hapjes en een koelbox met wijn geregeld. We zetten de fietsen op slot en liepen naar het bootje dat klaarstond. Hij stapte eerst aan boord en hielp mij vervolgens in het bootje. Ik ging er vanuit dat hij wist hoe de motor aanging en dat wist hij. Voor de zekerheid had ik natuurlijk wel de roeispanen in het bootje laten liggen, samen roeien kon ook best leuk zijn leek me.

Het was stil op het water, we genoten van het uitzicht, ik smeerde nog een toastje en gaf hem een kus. Hij pakte me beet en deed of hij me de boot uit wilde duwen, we stoeiden wat en hij hield z’n heerlijke armen stevig om me heen. Later dobberden we  nog wat op het kalme water, dronken wijn uit plastic glaasjes en spraken over de toekomst. Wat was het heerlijk om samen te genieten van deze lome zomeravond.

Ehm. Ja. Zo had ik het ongeveer in gedachten. Hij en ik en al de dingen die ik graag voor en met hem zou willen doen. Maar je had het natuurlijk kunnen weten, ik en fietsen? Helaas. Ik zou het graag zo beleefd hebben. Met hem.

Hij die me aan het lachen maakt, hij die me die glinstering in m’n ogen geeft waardoor ik ga stralen, hij die me weer laat voelen dat ik leef. Ik fantaseer over al de dingen die we samen zullen doen.

Het blijft bij fantaseren. Want hij, hij is niet van mij.

 

Lees meer...   (4 reacties)
Op mijn laatste stukje kreeg ik nogal wat reacties. Niet alleen hier maar ook via privé berichtjes. Opvallend vond ik wel dat, bij het geval van ‘niet zo’n blij stukje’ plaatsen, men het soms gek vindt dat je dat plaatst. Waarom je zo open bent over je gevoelens, of je behoefte hebt aan een bepaald soort aandacht en dat dan blijkbaar in real life niet vraagt maar er wel over schrijft. Tja. Ik schrijf. Ik hou ook van aandacht, net als de meeste mensen die ik ken. Ik heb een weblog dat over het algemeen gaat over mezelf en de dingen die ik meemaak. Ik vind het fijn als dat gelezen wordt en als ik daar reacties op krijg.

Al blijven er ook gevoelens of dingen die ik meemaak die ik hier niet deel, die schrijf ik nog gewoon in m’n papieren dagboek. Ik blijf graag van me af schrijven, maar er zijn grenzen aan wat ik deel natuurlijk.

En over dat dipje van laatst, nou ik denk dat ik eruit ben hoor. Het moest toch ergens vandaan komen. Het hing voor mezelf al wel in de lucht, maar ik durf het nu hier dan ook wel te delen.

Dat hele 40 ding hé, daar ben ik gewoon nog niet helemaal aan gewend. Niet omdat ik geen 40 wil zijn, niet omdat ik nu officieel een oude vrouw ben, nee dat is allemaal maar net hoe je het beleefd en hoe je je voelt. Daar kom ik nog wel overheen, denk ik.

Het zit zo; om me heen zie ik genoeg vrouwen van rond de 40. Maar bij die vrouwen zie ik meestal ook een meneer en gezellig wat kindjes. Op dat soort dagen lijkt het of de hele wereld één grote happy family is en ik de ouwe vrijster blijf. Over het algemeen kan ik mezelf prima de ‘stel je niet aan’ klap voor m’n kop geven en geniet ik van het zien van happy families maar er zijn van die dagen dat ik er echt even van moet slikken. De dagen dat m’n kleine neefje die bij me komt eten me vraagt of ik anders altijd alleen eet, en daar achteraan zegt ‘dat vinnik wel een beetje zielig voor jou’. Slik. Dat vind ik dan opeens ook heel erg zielig voor mezelf.

Al zou ik met de meeste vrouwen niet willen ruilen, ik zou hun vent niet willen of de bijbehorende kindjes niet. Maar er zijn stellen bij, waarbij ik in gedachten de vrouw uitgum en mezelf in the family picture plaats. En ik weet best, het gras is groener bij de buren. Maar in mijn geval, héb ik geen gras alleen een betonnen balkon dan kan het gras aan de overkant soms verdomde groen lijken!
 
The 40-Blues. 
Ik mag er van mezelf best even van slikken maar zal ook weer op zoek gaan naar de zon en kijken naar de positieve dingen in het leven; ik noem een Ruud G die (sinds kort zelf ook weet dat hij) weer op de markt is! Tegen hem zou ik ook willen zeggen ‘’t komt wel goed schatje’!
  
  
Lees meer...   (2 reacties)
Het is zo druk. In mijn hoofd. Er is zoveel dat ik moet. Maar ik doe zo weinig. Hoe moet dat nou toch allemaal. Denk ik steeds weer. Hoe moet dat nou toch allemaal.
 
Gedachten gaan rond in m’n hoofd, ik blijf maar denken en denk in een kringetje en alle gedachten blijven steeds terugkomen. Vragen waar ik geen antwoord op heb en ook geen antwoord op zou moeten verwachten. Zonder verwachtingen leven maakt het sowieso een stuk makkelijker, je wordt minder teleurgesteld ook.
 
Ik denk na over mezelf, de dingen die ik doe, de dingen die ik anders had willen doen, de dingen die er niet zijn en het waarom van al die dingen. Best een hoop dingen bij elkaar eigenlijk. En vermoeiend dat dat is, dat denken zonder doen. Soms zou ik even willen kijken in de toekomst, om te kijken of het goed is wat er komen gaat en of ik dan wat meer rust heb en dat het eens goed is, zoals het is. 
 
Voelde ik me vorige week nog helemaal met mezelf in balans en fijn, na een inspirerende weekend cursus, balanceer ik nu op het randje richting niet zo happy. En ik hou mezelf vast hoor, ik wil blijven op de goede kant van die rand en springen in het bad dat happy voelen inhoudt. Maar ik merk dat dat niet vanzelf gaat. Ik zet maar wat extra blije muziek op of oude hits van radio Veronica, maar voordat ik het weet zit ik dan weer in een trip down memory lane vanwege herinneringen aan de goede oude tijd. 
 
En ik weet  het allemaal best, ik zou in het NU moeten zijn. Vandaag is de enige dag die er is, maak je niet druk over dingen die nog niet aan de orde zijn. Er is alleen dit moment. Mooie woorden ja maar hoe laat je dat los, al die gedachten, zorgen en vragen? Ik vind mezelf gewoon even niet zo leuk op dit moment (en dan ben ik wel even volledig in het nu!).

Het is nog niet eens 10 uur ‘s ochtends en ik heb al een huilmomentje gehad. Waarom? Zou het graag op PMS willen gooien maar ik geloof niet dat die vlieger nu opgaat. Het slechte spel van het Nederlands Elftal? Jammer maar ach, oranje is toch niet echt m’n kleur. Nee ik ben bang dat ik even in de spiegel moet kijken en even een hartig woordje met  mezelf moet spreken (of even ‘troost’-shoppen dan maar?).
 
Het is zo druk in m’n hoofd. Iemand nog een goed zelf-hulp-boek in de aanbieding? 


Lees meer...   (5 reacties)

Na vrijdagavond heerlijk te hebben gegeten bij een fancy restaurant voor weinig (restaurantweek), werd ik ’s nachts nogal beroerd. Ik lag te klappertanden in bed en deed geen oog dicht, alles deed me zeer. Ik was er van overtuigd dat de luxe liflafjes die mij waren voorgeschoteld de schuld waren van m’n ziek zijn. Ik zou nooit meer fancy gaan eten voor weinig, dat zal me leren! Maar nadat ik me de volgende morgen na een brakke nacht nog steeds voelde alsof de connexxion bus over me heen gereden had, moest ik aan mezelf ook toegeven dat ik waarschijnlijk gewoon een griep te pakken had. Dat was lang geleden.

De enige plek waar ik op dit moment me lekker voel is onder de douche, ik sta eronder met m’n ogen dicht het hete water kletterend over mijn pijnlijke lijf. Pas als het water kouder wordt en geloof me dat duurt best lang, stap ik onder de douche vandaan en sleep mezelf weer richting de bedstee. Diep weggedoken onder m’n dekbed blijft het klappertanden, soms val ik even in slaap en word weer wakker na het dromen van een angstdroom. Ik voel me slap als een vaatdoek, lig maar wat voor me uit te staren met als gevolg dat ik weinig doe en veel nadenk. Ik vraag me zaken af die bij het programma Willem Wever ongetwijfeld eens aan bod zijn gekomen, als ‘waarom is de kleur van plas eigenlijk geel’ en ‘waarom adem ik maar uit een neusgat tegelijk of ben ik hierin niet de enige?’. En als ik weer een hoestbui krijg waar ik bijna in stik zodat ik weer spugend boven de toiletpot hang, vind ik mezelf weer bijzonder zielig.

En ik weet dat griep maar een paar dagen duurt, ik straks weer gewoon naar m’n werk kan en niet meer bang hoef te zijn om te gaan hoesten, om vervolgens spugend boven het toilet te hangen. Zelfmedelijden is een bijzonder triest iets eigenlijk. En tegelijk oh zo lastig om jezelf weer op te peppen. Arme ikke.

Lees meer...   (2 reacties)
Als je echt wilt, kun je er komen. De weg er naartoe weet je best te vinden, de vraag is alleen of je verder durft te lopen dan je ooit geweest bent. 
 
Door het smalle halletje loop je tot aan de deur, deze klemt een beetje maar als je er een ferme duw tegenaan geeft schiet de deur open. Loop maar door naar binnen en vergeet vooral niet de deur achter je dicht te doen. Je ogen moeten waarschijnlijk even wennen aan het donker, er komt hier weinig licht naar binnen en je zult soms een spinnenweb tegenkomen. Je hoeft niet bang te zijn. Alles wat je hier tegenkomt, heb je al eens gezien. De meeste dingen waar je bang voor was, liggen hier al een poosje. En dat weet je. 
 
Als mijn ogen aan het weinige licht gewend zijn, zie ik dat ik weer sta in een smalle gang. Aan beide kanten van de gang zie ik een wand met lades, in verschillende maten en verschillende kleuren. Aan de buitenkant van de lades kan ik niet zien wat erin zit, het maakt me nieuwsgierig naar de inhoud maar ook een beetje bang. Ik heb geen idee wat ik aan zal treffen en of ik dat wel wil zien. Maar ik ben er nu, dus nu is ook wel de tijd om iets te doen hier. Ik kijk nog even achterom naar de deur die zo moeilijk openging, teruggaan is geen optie. Ik haal even heel diep adem en besluit een van de voorste lades als eerste te openen.

Ik ben 8 jaar oud. We zijn net over de sloot gesprongen, ik heb het gered en loop in het weiland van Boer Kempers achter de buurjongens aan. Het gras is gisteren gemaaid en ligt in lange banen op het land. Ik snuif de heerlijke geur op. We rapen allemaal wat gras bij elkaar en maken een cirkel, meer en meer gras erop, de cirkel wordt een hut, met een opening zodat we er weer uit kunnen. Het gras kriebelt aan m’n blote benen, ik voel me heerlijk. Als we opeens een hond horen blaffen en Boer Kempers schreeuwen, weten we niet hoe snel we weg moeten rennen. De jongens kunnen veel harder en als ik de sloot bereik vergeet ik m’n aanloop en beland er met een groot plons middenin.
Als ik de la weer sluit kan ik een glimlach niet onderdrukken, ik zat weer even in dat gevoel van toen. Wat wás het spannend en wat wás ik bang voor Boer Kempers.

Mijn nieuwsgierigheid maakt dat ik weer een la opentrek.  

De spanning is te voelen en aan de rode wangen van de anderen te zien ben ik niet de enige die het niet fijn vind om deze toets te maken. Ik heb het gevoel of m’n leven er vanaf hangt en ik blokkeer, raak in paniek en weet niets meer. Mijn vriendinnetje is druk aan het schrijven, als ik snel ben kan ik de antwoorden van de mutiple choice vragen op het tweede blad van haar nog overnemen. Vraag 9; staat er nou een rondje om C of D? Ik kijk af en schrijf over en al ben ik er niet trots op, een antwoord is beter dan geen. En als we een week later de uitslag van de Cito toets krijgen en m’n vriendinnetje 97 punten scoort en ik 22 weet ik dat zij waarschijnlijk al op blad 3 was.

Ik weet het nog als de dag van gister, wat voelde ik me dom en verdrietig. Voor altijd zou ik me minder voelen. Al weet ik nu dat m’n faalangst me destijds de das om deed. Ik sluit de la met het label ‘Falen’ erop en weet dat de herinnering blijft.

Er zijn nog zoveel lades te openen, ik weet gewoon niet waar ik moet beginnen. Misschien moet ik er maar wat extra tijd voor uittrekken, je kunt tenslotte niet in een keer al je herinneringen ophalen en een plek geven. De grote zwarte la zal ik binnenkort ook moeten openen, als eerste of misschien open ik eerst een van de andere lades met de opschriften; mooie momenten, bijzondere gevoelens, weggestopte angsten of oude liefdes. Ik zal verder achterom kijken dan ik ooit heb durven doen, met m’n ogen dicht, terug naar de in verschillende lades gestopte herinneringen en onverwerkte gevoelens, in mijn hoofd.  

Aan het eind van de lange gang met lades zie ik een deur, geschilderd in de mooiste kleur blauw die ik ooit heb gezien. Ik heb de neiging meteen door te lopen om te zien wat zich daarachter bevindt, het moet haast wel mooi zijn. Als ik bij de deur aankom zie ik op een bordje ‘Toekomst’ staan. Ik weet dat deze deur vanzelf open gaat, als ik het verleden in de lades uit de gang een plek heb gegeven. Ik kan haast niet wachten. Binnenkort stap ik zeker ook door deze deur. Back to The Future.
 
Lees meer...
Het Universum heeft volgens mij alles helemaal uitgestippeld; waar en wanneer ik ter wereld kwam, welke twee mensen mij mochten opvoeden, wanneer ik de liefde zal vinden maar zeker ook: wanneer het mijn tijd is. Van mij mag dat nog best een poosje duren, ik heb zo het idee dat ik hier nog niet helemaal klaar ben. Ik zou graag nog alle tijd krijgen m’n dromen na te jagen en het doel van mijn aanwezigheid hier ontdekken. Want dat is me nog niet helemaal duidelijk. Wat mijn doel is hier.

Het is natuurlijk niet zo dat ik in de tussentijd, de tijd dat ik hier mag zijn, niets doe. Ik doe m’n best er iets van te maken, doe de dingen waarvan ik denk dat dat goed is. In die tijd die ik hier nog heb, hoop ik ook nog wat geluk te vinden.

Maar áls het mijn tijd is, dan mogen ze álles van me hebben! Als ik er niet meer ben straks, geef ik alles met liefde weg. Ik vind het eigenlijk wel een mooie gedachte, dat ik met mijn hart, longen, nieren of lever nog iemand blij kan maken, als ik het zelf niet meer nodig heb. Soort van kringloop, tweedehandsje, waarmee je iemand die het nodig heeft weer zo goed als nieuw kan maken.

Ik geloof echt dat er méér is, als ik er niet meer ben. M’n lichaam mogen ze hebben, maar ik denk dat m’n ziel verder gaat. Al is het me nog niet helemaal duidelijk waar naartoe. En dát vind ik dan wel minder eigenlijk, het idee dat je niet weet waar je naartoe gaat, als je er niet meer bent. Ik ben namelijk nooit zo van de verrassingen.
Surpriseparty’s zijn ook niet zo aan mij besteed. Dat er dan ook nog zo’n surpriseparty na je dood is, zo’n feest waarvan iedereen die er al niet meer is weet hoe het voelt, terwijl het voor jou de allereerste keer dood is, is niet echt mijn idee van een feestje. Maar wie weet, wacht er wel een heel nieuw avontuur aan de overkant! Maar in de tussentijd, blijf ik mijn dromen najagen en ga verder met het avontuur dat leven heet.  

En mocht je het nodig hebben, als het voor mij niet meer wil kloppen, is mijn hart voor jou.

Lees meer...


‘Zo’n man die té lief is, daar kan ik ook weer niks mee, zei m’n vriendin’. ‘Waarom niet? zeg  ik, zo'n lieve daar kan je toch juist wel wat mee’, sterker nog die doen toch juist wat je wilt, dat moet toch heerlijk zijn?’
Maar nee, té lief … dat gaat ook vrij snel irriteren zegt ze.

We bespreken ons liefdesleven. Of wat daar voor door moet gaan. Wat is dat nou eigenlijk, dat wat we zoeken in een man, vragen we onszelf af. Niet té lief zoveel is duidelijk. Al zijn verder de meningen verdeeld. ‘Waar val je dan op’, vraagt ze.  ‘Niet iets in het bijzonder’ zeg ik. ‘Hij moet gewoon iets hebben’. ‘Iets?’ vraagt ze. ‘Ja, leuke kop, ondeugende ogen maar ook zelfvertrouwen uitstralen, zoiets’, zeg ik.

Als ik naar huis fiets denk ik er nog even over na. Waar val ik eigenlijk op, wat moet hij hebben? Krullen? Donker haar of blond? Een snor of een stoer baardje misschien, ook best sexy. Hoe moet hij eruit zien, casual of juist met pak? Als ik m’n ogen dicht doe en ik denk aan hem, dan kan ik hem ruiken, een kruidige parfum, Hugo Boss wellicht. Sterke armen, die hij om me heen slaat alsof hij me beschermen wil. Ik weet wel hoe ik me voel als ik ‘mijn man’ ontmoet; ik voel gewoon dat ‘hij’ het is.

Wie is het? Is het een vrouw? Nee! Hatsee, weg met al die vrouwen. Heeft hij een bril? Nee! Weg met al die brillen. Heeft hij een snor? Nee! Weg met Bob, Kees en Willem. Heerlijk, zo duidelijk dat er maar één overblijft en die is het. Wie het eerste weet wie het is die er op de foto staat, heeft gewonnen.

Nog even m’n vriendin bellen; ‘Morgen even een spelletje “Wie is het?” spelen’? Misschien dat ik daar het antwoord vind. En zo niet, kunnen we altijd nog even verder werken aan het profiel van ‘De Man’. Even aan m’n winnaars strategie werken. Ik begin met de vraag ‘Is het een man’? Ik kan verder prima tegen m’n verlies maar dit spelletje wil ik nu toch echt eens winnen!  

 

Lees meer...
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl