Natuurlijk, ik was een weekje op vakantie geweest met zusje, moest even bijkomen van het leven an sich en vond zelf dat ik dat meer dan verdiend had. Ik had een aantal vriendinnen opgetrommeld om de kat en de dikke poes te verzorgen, uiteindelijk bleef er één over die dat daadwerkelijk zag zitten en ik had ze met een redelijk gerust hart thuis achtergelaten.

Het afscheid was hartverscheurend geweest, ze bleven maar huilen en ik maar zwaaien, maar uiteindelijk was ik natuurlijk wel met gierende banden de straat uitgereden om het vliegtuig richting zon maar niet te hoeven missen. 

Gedurende de vakantieweek was ik up tot date gehouden via sms over het wel en wee van die twee en alles leek goed te gaan, ik kon met een gerust hart verder nippen van m’n wijntje. De week vloog voorbij en voordat ik het wist vloog ik weer terug, scheurde midden in de nacht richting huis met de gedachte straks weer heerlijk te kunnen knuffelen met die twee. Ik verwachtte dan ook bij de voordeur opgewacht te worden door het welkomstcomité (de kater en de dikke poes) maar niets van dat alles. Die twee lagen snoeihard te snurken op mijn bed en keurden mij geen blik waardig. Sterker nog, ik werd volledig genegeerd.

Dat negeren ging nog een paar dagen zo door, ik werd nog net getolereerd in m’n eigen huis maar daar was dan ook alles mee gezegd. Na een goede week trok ik het niet meer en vroeg me schreeuwend af waarom ik genegeerd werd en dat, terwijl ik zelfs nog een souvenir van vakantie voor ze had meegenomen.   

Ze gingen er eens even goed voor zitten, de kater sloeg z’n ene poot over de ander en keek me pissig aan. Ze spraken een hartig woordje met me en wat bleek? De kater en dikke poes waren diep teleurgesteld! Ik had ze in de steek gelaten, was op vakantie gegaan terwijl ze er zelf ook graag even tussenuit hadden gewild. Het had ze wel wat geleken, in bikini aan de Costa te liggen. Geschrokken stamelde ik m’n excuses en heb ze beloofd dat ze, zodra ze ook fatsoenlijk in bikini passen, mee mogen op m’n volgende tripje. 

Inmiddels is de rust wedergekeerd in Huize H, liggen de kater en ik ’s nachts weer lepeltje-lepeltje en de dikke poes is fanatiek gestart met het bikini-dieet.

 

 
 
Lees meer...
“Met mij?” “Ja, goed! geweldig zelfs, ik heb het echt zó leuk in m’n leven!” Dat is wat ik natuurlijk vol overtuiging had moeten zeggen toen in hém tegenkwam, Danny, de jongen uit m’n klas waar ik al m’n schooljaren stiekem een oogje op had.

Tijdens de leswisselingen en in de pauzes wist ik hem te vinden met m’n ogen, we wisselden vele blikken uit, maar daar bleef het bij. Destijds waren de woorden ‘initiatief nemen en liefde’ nog niet bekend in mijn vocabulaire. Helaas. Laatst kwam ik hem tegen en ik zou zo weer voor hem vallen, wat een bijzonder prettige verschijning was hij gebleven zeg! In al die jaren alleen wat volwassener maar zijn glimlach was nog even verlegen en sexy als toen. Hij vertelde over z’n bedrijf, z’n vrouw en drie (!) bloedjes van kinderen waar hij helemaal happy mee was. “En jij?”, vroeg hij. Ehm. Ik? Ik mompelde wat over afspraak, haast en wist niet hoe snel ik weg moest wezen. Ik voelde me weer verlegen en 14.

Al die sociale media van tegenwoordig, je komt er nog wel eens iemand van The Good Old Days tegen. De days dat we nog op houten banden reden, de days dat je je vrienden nog in het echt zag, de computer iets was waar alleen Chriet Titulaer over sprak in zijn Wondere Wereld en we nog buiten speelden tot de straatlantaarns aan gingen.  

 Terug in de tijd, herinneringen ophalen met vriendinnetjes van way back then, nadat we elkaar via Facebook weer hadden gevonden. Samen zingen in onze borstel, Janet Jacksons ‘Nasty!’ en de danspasjes oefenen totdat m’n ouders het gestamp van boven niet meer aan konden horen. Elkaars pony touperen en al kauwgombellen blazend meedeinen op Madonna’s Like a virgin …. Those where the days.

Gelukkig liep ik Danny wel in het écht tegen het lekkere lijf, zodat ik mezelf de afgelopen dagen ontzettend hard voor m’n kop kon slaan. Was ik nog maar verlegen en 14.  

Lees meer...

Een paar jaar geleden was ik er helemaal klaar mee. Ik stopte resoluut met roken. Dat hield ik een aardig tijdje vol en ik dacht dat ik er voor altijd klaar mee was. Ik hoefde niet meer standaard met kilo's kauwgum, mondspray en luchtjes in de weer te zijn na m'n rookmomentjes. En toch, niets bleek minder waar; ik kreeg een rokend vriendje en begon zelf ook weer, want samen roken vond ik opeens weer bijzonder gezellig. Toen ik dat vriendje weer alleen liet roken zat ik er toch mooi maar mee dat ik aan de andere kant van de stad ook alleen rookte. En alleen roken bleek niet zo gezellig, belachelijk duur en ik vond het zelf ook een beetje stinken inmiddels. Het nare was dat het toch weer echt een verslaving bleek, waar ik niet zo makkelijk vanaf kwam.

Maar vandaag, precies 1 jaar geleden was het écht klaar! Ik rookte m’n laatste sigaret, vertrok naar Portugal alwaar ik een algehele reinigingskuur van lichaam en geest onderging en kwam na een week weer ‘clean’ terug. Totaal afgekickt en er van overtuigd nooit meer te zullen beginnen. Nu ik het een jaar heb volgehouden, kan ik zeggen dat ik trots op mezelf ben; ik ben er nog steeds écht vanaf. Niet alleen van het roken maar vooral van het gevoel ‘te moeten’ roken. Want als je verslaafd bent is er eigenlijk geen willen meer aan. Als roker zeg je wel dat je wilt en het lekker vindt, maar nu ik een ex-roker ben, weet ik dat het geen willen was, maar moeten.

En dan stel ik me eens voor wat het zou betekenen als je écht een verslaving hebt, je continu bezig bent met bedenken wanneer, waar en hoe en dan heb ik het nog niet eens over de kosten die daarbij komen kijken. Niet willen maar moeten, lijkt mij bijzonder naar.
 
Oké, ik heb inmiddels wat extra kilo's en niet alleen op m'n derrière, het is zo'n 8 kilo geleden dat ik stopte met roken, maar dat mag de pret niet drukken!  
Murphy's Law = stoppen met roken versus starten met snoepen.
Nu nog even afkicken van m'n snoepverslaving, dan is het cirkeltje weer rond.
Lees meer...
Overal in de buurt hingen foto’s van de vermiste kat Chico. En als er ook maar iets vermist is, dan zoek ik. Ik zou ook zweren dat ik de vermiste Chico hier in de buurt laatst had gezien. Chico had waarschijnlijk even helemaal geen zin om naar huis te komen. Dat het best lekker kan zijn om een beetje gemist te worden, daar kan ik ook best inkomen. En als je dan weer thuiskomt, dan word je vast extra verwend. Eigenlijk helemaal niet zo’n gek idee, dat weglopen. In m’n pubertijd liep ik ook regelmatig weg van huis, alleen kreeg ik meestal vrij snel weer trek en zonder geld voor de snackbar was ik meestal al weer thuis voordat ik überhaupt gemist werd. Maar ik dwaal af. 

Chico, de vermiste kater. Ik had de foto en daarbij dus ook de uiterlijke kenmerken van de kat in m’n geheugen geprent, ik zou dat beest wel even veilig thuisbrengen. Belde de baas van Chico dat ik de kat in de buurt gezien dacht te hebben en ik hoorde gewoon dat hij dolgelukkig werd van het idee dat de kat nog leefde. Ik beloofde goed op te blijven letten en de baas van Chico zou zelf ook extra goed gaan zoeken in mijn buurt.

En op het moment dat ik ‘s avonds even naar buiten liep om de vuilniszak in de container te gooien, zag ik de kat weer lopen. Het kostte me wat tijd maar uiteindelijk lukte het me het beest te lokken. Hij liet zich aaien en ik greep hem bij z’n nekvel en hield hem stevig tegen me aan. Het lukte me het beest mee naar binnen te nemen. Ik stopte hem in de slaapkamer, om ruzie met mijn eigen katten te vermijden hield ik ze maar even uit elkaar. Zo! Chico binnen, snel z’n baasje bellen. Chico’s baasje sprong een gat in de lucht van blijdschap en sprong vervolgens meteen op de fiets om hem op te komen halen. Oh mén ik werd helemaal gelukkig van het idee dat ik ervoor zou zorgen dat Chico en z’n baasje herenigd zouden worden.

Ik opende de slaapkamerdeur voor Chico z’n baasje en moest even op zoek naar het beest, dat zich waarschijnlijk even achter m’n bed had verstopt. Chico z’n baasje lag al op z’n knieën en maakte smakzoen geluidjes om z’n Chico te roepen. Het beest liet zich niet zien. Ik moest over het bed heen naar het hoekje achter de gordijnen en daar zat het arme beest. Het lukte me hem te pakken en in de armen van z’n baasje te duwen. Eind goed al goed. Chico z’n baasje bekeek de kat eens goed van dichtbij en zei “dit is Chico helemaal niet”!
Ehm? Niet?! Wat een gênante vertoning! Had ik me daar toch zomaar een kat van de straat geplukt, opgesloten in m’n slaapkamer en verwachtte ik ook nog een hereniging á la Spoorloos met deze man en deze kat? Met m’n staart tussen m’n benen nam ik de kat over van Chico’s baasje en liep achter hem aan naar buiten om de kat weer vrij te laten. 

Het begint echt de spuigaten uit te lopen wat ik er allemaal voor over heb om een vent in m’n slaapkamer te krijgen!
 
Lees meer...   (2 reacties)
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl